Agenda | Wat is er in de Bibliotheek te doen?

DE MENS IN DE KUNST VAN DE TWINTIGSTE EEUW

Verrijk je leven met kunstgeschiedenis!
DE MENS IN DE KUNST VAN DE TWINTIGSTE EEUW

De mens is ontelbare keren afgebeeld in de kunstgeschiedenis. Voor de hand liggend, het is  tenslotte als thema altijd voorradig en kunstenaars kunnen eindeloos experimenteren met de afbeeldingsmogelijkheden. En wat is er boeiender dan de mens zelf?

Tijdens deze korte cursus kunstgeschiedenis gaan we een aantal belangrijke kunstenaars en stromingen (kubisme, Neue Sachlichkeit, magisch realisme, Cobra, feministische kunst, video art, performances) onder de loep nemen en zien we hoe de ontwikkeling in de weergave van het portret en het menselijk lichaam in de loop van de twintigste eeuw veranderd is. In vier lessen wordt aandacht besteed aan de vraag waarom het mensbeeld in de kunst in deze eeuw veranderd is en op welke wijze kunstenaars hier vorm aan gaven.

Het lichaam kan op veel uiteenlopende manieren worden weergegeven. Van het klassiek portret uit de renaissance tot de geënsceneerde en vaak gefotoshopte afbeelding anno 2020. Vanaf de opkomst van het kubisme ontstaat er een grote experimenteerdrift bij kunstenaars om een mensbeeld te creëren dat niet meer een realistische weergave van de werkelijkheid hoefde te verbeelden. 

Deze cursus begint dan ook bij één van de grootste initiatoren van de moderne kunst, hoe kan het ook anders; Pablo Picasso. Picasso liet namelijk zien dat zelfs een gefragmenteerd en lelijk (maar wat is de definitie van lelijk) beeld een bepaalde schoonheid kan bevatten. Volgens hem kon de kunstenaar bij het maken van grootse kunst niet ontkomen aan een bepaalde mate van lelijkheid, dat was nou eenmaal het resultaat. Voorwaarde was wel dat de herkenbaarheid moest blijven bestaan.

Men zou kunnen zeggen dat uit dit principe de moderne kunst is geboren. Vanaf Picasso veranderde de kunstwereld definitief, we zien rond deze tijd dat kunstenaars steeds meer de vrijheid namen om hun gevoelsleven ook een bepalende rol te laten spelen in hun kunst.

In zelfportretten zien we dat vaak duidelijk terug. Bijvoorbeeld bij Egon Schiele en Oskar Kokoschka, waarbij de traditionele betekenis van het woord portret veranderde en persoonlijke expressie de boventoon gaat voeren. Als reactie hierop ontstond in de jaren 20 en 30 de Neue Sachlichkeit waarbij men juist weer streefde naar een terugkeer van de klassieke schilderstraditie. Daarbij wilde men de mens weer zo realistisch en objectief mogelijk weergeven, waarbij er door een aantal kunstenaars (George Grosz, Otto Dix) kritiek werd geleverd op de maatschappij. 

In dezelfde tijd ontstonden stromingen als het surrealisme en magisch realisme waarbij de droom, het onderbewuste en de fantasie een grote rol speelde. Aan de hand van het werk van René Magritte, die één van de oprichters van de Belgische tak van het surrealisme was, gaan we hier induiken. Zijn werken balanceren op de grens van realisme en vervreemding, maar zijn hierdoor uiterst intrigerend.

Bij Cobra (1948-51) zien we dat de menselijke figuur steeds meer op een expressieve kinderlijke en primitieve wijze wordt weergegeven. Hierbij was men op zoek naar de oerbron van het scheppingsproces. De uitspraak “dat kan mijn kleine zusje ook” was voor de Cobra kunstenaar geen belediging, maar juist een compliment.  Het werk van Constant Nieuwenhuijs, één van de oprichters en theoreticus van deze groep, is hier een goed voorbeeld van.

Als we aankomen in de jaren 60 en 70 zien we dat het lichaam steeds meer gebruikt wordt als sociaal of politiek statement. Het lichaam van de kunstenaar wordt vanaf deze tijd niet alleen als een uitdrukkingsmogelijkheid gebruikt om zichzelf te vereeuwigen, maar  meer om het individu  een plek te geven binnen de maatschappij. Daarbij worden thema's als racisme, (geslachts) discriminatie, armoede en identiteit aangesproken. Schilderkunst, fotografie, video art, installaties en performances worden hiervoor vaak gecombineerd. Tijdens de cursus zullen we aandacht besteden aan de diverse kunstvormen die in deze tijd zijn ontstaan, zoals body art, feministische kunst en performance art ( o.a. Gilbert en George, Mary Beth Edelson, Orlan, Marina Abramovic). Het menselijk lichaam wordt in hun werk een metafoor voor bewustwording. Een schreeuw haast, die mensen op soms schokkende wijze laat nadenken over onze normen en waarden en de betekenis van ons menszijn in het algemeen.

Rond 1965 is ook een hele specifieke stroming ontstaan, het hyperrealisme. De levensechte beelden van bijvoorbeeld Duane Hanson en Ron Mueck maken een enorme indruk en zijn zo realistisch dat veel mensen ze eng vinden. Ze houden de kijker een spiegel voor waarin hij of zij zichzelf terugziet.

Als we het hebben over de mens in de kunst, mag de fotografie daarin niet ontbreken. In de derde les zullen we uitgebreid aandacht besteden aan deze kunstvorm, en zal ik aan de hand van het werk van diverse bekende fotografen ( o.a.Cindy Sherman, Nan Goldin, Margaret Bourke- White, Rineke Dijkstra) de verandering in weergave van de mens laten zien. Daarbij komen zowel de fotojournalistiek als  kunstfotografie aan bod.

In de laatste les gaan we het werk van een aantal hedendaagse kunstenaars bekijken (onder andere  Bart Hess, Berlinde de Bruyckere, Sylvia B., L.A.Raeven) die met behulp van verschillende technieken het lichaam deformeren en de toeschouwer in verwarring achterlaten en tegenstrijdige gevoelens oproepen. Deze zijn echter nodig om hun kunst beter te doorgronden en ons kennis te laten maken met de maakbaarheid van onze wereld waar wij op dit moment deel vanuit maken. Want wie weet hoe wij er over een aantal decennia uit komen te zien, misschien verandert ons lichaam en is hun futuristische en vaak sculpturale werk niet slechts fantasie meer.....

 

Laat u tijdens deze cursus fascineren door de wereld die verscholen ligt achter de mens in de kunst!

AANMELDEN stuur een mailtje naar
LOCATIE  't Oale Roadhoes Tubbergen
WANNEER Woensdag 7 - 14 - 21 - 28 september 
TIJD 19.00 tot 21.30 uur
KOSTEN 75 euro per cursus (4 bijeenkomsten), inclusief reader, lesmateriaal, koffie/thee